DAX: Applicatiebeheer training: een casus in de rol van Model Builder

DAX: Applicatiebeheer training: een casus in de rol van Model Builder

Introductie

Dit artikel focust zich op de achterkant va​​​​​n InTouch met de schermen die horen bij de Model Builder. Deze rol is beschikbaar op moment dat InTouch op basis van DAX draait. Meer informatie daarover vind je in dit artikel.

We gaan aan de hand van een casus aan de slag. Als beheerder van InTouch ben je met de HR afdeling van jouw zorgorganisatie tot het ontwerp van een nieuwe KPI gekomen. Aan jou nu de taak om deze KPI op een KPI dashboard aan medewerkers met de rol HR-adviseur te presenteren.

Tip: Aan de rechterkant van je scherm vind je de inhoudsopgave van dit artikel (- Op deze pagina).

Let op: het betreft hier een generiek artikel om je wegwijs te maken in de achterkant van InTouch; dat wil zeggen dat de inrichting van InTouch voor jouw organisatie kan afwijken. Kom je er niet uit? Neem dan contact op met de SDB BI consultant in het project of met de support afdeling van SDB Analytics.

Het volgende komt aan bod in dit artikel:
  1. Bouw een KPI dashboard pagina met een nieuwe KPI tegel (op basis van een nieuwe meetwaarde)
  2. Bouw een Power BI rapport pagina
  3. Geef rol HR-adviseur toegang
In andere artikelen leer je over:
  1. Power Analyse instellen en beheren
  2. Rollen en autorisaties

De rol Model Builder

Om aan de slag te gaan aan de achterkant van InTouch wissel je naar de rol Model Builder. Je wisselt van rol door rechts bovenin je scherm op het poppetje te klikken en vervolgens op rol Rol: [...] te klikken en de rol van Model Builder te kiezen. Dit geeft je de volgende set aan knoppen in je Topnavigatie:


In dit artikel en in de andere artikelen hierboven opgesomd, komen deze schermen in verschillende combinaties aan bod.

Analytisch pad: KPI dashboard > KPI tegel > Power BI rapport

De samenhang tussen een KPI dashboard, KPI-tegel en een Power BI rapport staat in onderstaande plaat visueel weergegeven:



Casus uitgewerkt
Als beheerder van InTouch ben je met de HR afdeling van jouw zorgorganisatie tot het ontwerp van een nieuwe KPI gekomen. Aan jou nu de taak om deze KPI op een KPI dashboard aan medewerkers met de rol HR-adviseur te presenteren.

De huidige situatie is als volgt: in de topnavigatie bestaat een Dashboard Personeel. Dit dashboard bevat al een aantal KPI's.



Wij willen een specifiek KPI dashboard bouwen, genaamd 'Dashboard HR-adviseur' met daarop een selectie van een aantal al bestaande KPI's en één nieuwe KPI met een doorklik naar een nieuw rapport. Dit nieuwe dashboard en bijbehorende rapport is alleen toegankelijk voor de rol HR-adviseur.

Bouw een KPI dashboard pagina

Een KPI dashboard is een Pagina met een specifieke indeling: een presentatie van KPI tegels. Specifieker: de indeling toont een Dataset waaraan losse KPI's zijn toegevoegd.

Wat ga je doen?

Bouw een nieuwe Pagina 'Dashboard HR-adviseur' in de bestaande Topnavigatie. 

Tip: dupliceer het tabblad in je browser en zorg dat je het ene blad bekijkt met de rol van Beheerder en het andere met de rol van Model Builder. Je kunt dan direct je aanpassingen op het Beheerder-tabblad zien na een refresh

Bouw een nieuwe Pagina

Navigeer naar Pagina Ontwerp. Klik links onder bij de Pagina slicer de Topnavigatie groep open. Klik vervolgens op (Nieuwe pagina):


Vul de velden voor de Nieuwe Pagina als volgt in:
  1. PaginaGroep: Topnavigatie - Gebeurt automatisch doordat je binnen deze groep op Nieuwe pagina klikt.
  2. Code: KPIHRA - Deze code moet uniek zijn. Vaak wordt voor KPI-dashboards een conventie aangehouden, startend met KPI.
  3. Naam: Dashboard HR-adviseur - Beschrijvende naam. Deze is zichtbaar in de topnavigatie.
  4. Omschrijving: (leeg) - Optioneel.
  5. Sortering: 3 - Deze sortering bepaalt de volgorde van de weergave van de pagina's in deze groep in de Topnavigatie.
  6. Icoon: selecteer hier een icoon vanuit de icon-picker.
  7. Kleur: selecteer hier een kleur vanuit de color-picker.
  8. PaginaIndeling: KPI Icoon+Trend Tegels - Selecteer de gewenste indeling voor de KPI-tegels.
  9. Pagina onderdelen: Slicer & Snelmenu (Standaard) - Selecteer welke paginaonderdelen je links en rechts van de KPI-tegels wilt tonen.
  10. Plaats op Topnavigatie: Uit - Pagina's uit de groep Topnavigatie komen automatisch in de Topnavigatie te staan.
  11. Actief: Aan - Om een pagina te tonen, moet deze aan staan.
  12. Rollen met toegang: (leeg) - Bepaal welke rol toegang krijgt (doen we later).
  13. Pagina Cluster TAG's: (leeg) - Hier vul je bijvoorbeeld de zgn. RAP-tags in (doen we later).
  14. Nieuwe Cluster TAG toevoegen: (leeg)
  15. Toon AI analyzer (BETA): Uit - Uit laten.
  16. DAX Pagina: Aan - Moet altijd aan staan.
En vervolgens na het opslaan van bovenstaande vulling de KPI tegel instellingen:
  1. KPI Weergave: Status Icoon Tegel - Kies hier hoe de KPI-tegel eruit moet zien. Bijvoorbeeld Status Icoon Tegel of Status Trend Vierkant Icoon.
  2. KPI set: KPI-set Personeel - Kies hier welke Dataset er gepresenteerd moet worden in deze sectie. Voor nu kiezen we dezelfde set als op het dashboard Personeel, later maken we een nieuwe set.
  3. Toon Cumulatieve waarden: Uit - Op het moment dat je deze aanzet moet voor elke KPI ook een YTD-regel ingesteld zijn in het KPI Ontwerp scherm.
  4. Toon KPI's zonder waarde: Uit
  5. Titel tonen: Aan
  6. Titel: KPI's HR-adviseur
  7. Icoon: selecteer hier een icoon vanuit de icon-picker.
  8. Titel achtergrond kleur: selecteer hier een kleur vanuit de color-picker indien gewenst.
  9. Toon commentaar optie (alleen zichtbaar bij Titel tonen): Uit
  10. Toon Popup TrendGrafiek: Uit
  11. KPI Visual tonen: Aan - Om de KPI's te tonen, moet deze aan staan.

Idea
Handig om te weten: op moment dat je meerdere secties met verschillende datasets wil vullen, kun je onderaan de pagina verder met het invullen van de velden voor bijvoorbeeld sectie 2

Het resultaat

Op moment dat je nu wisselt naar je tabblad in de rol van Beheerder en de pagina ververst, zie je een nieuwe pagina in de topnavigatie. Nu nog met dezelfde vulling als het Dashboard Personeel:

Uitleg Pagina Groep

Pagina’s zijn onderverdeeld in Pagina Groepen. Bijvoorbeeld: topnavigatie, rapportages (verzameling pagina’s met PBI rapport diverse thema’s), financieel (verzameling pagina’s met PBI rapport voor thema financieel), personeel (idem), maatwerk rapportages (verzameling pagina’s met maatwerk PBI rapport diverse thema’s) etc. 

De indeling van deze groepen verschilt per zorgorganisatie. In deze casus gaan we uit van een al bestaande Pagina Groep (Topnavigatie). Pagina's die je in deze groep publiceert komen automatisch als losse knoppen in de topnavigatie te staan.

Het staat je als beheerder vrij om zelf een Pagina Groep aan te maken (via geavanceerd beheer). Kijk vooral af bij een al bestaande groep en zorg voor een unieke PaginaGroepCode en een goed leesbare naam van de groep. Je ziet de naam van een groep terug als je deze in de topnavigatie zou tonen of als er pagina’s uit de groep in het snelmenu getoond worden.

Bouw een nieuwe KPI tegel

In de vorige sectie hebben we een Pagina 'Dashboard HR-adviseur' gebouwd met een indeling waarop we een aantal KPI's gepresenteerd hebben. Dit hebben we gedaan door de indeling te laten verwijzen naar een bestaande KPI Dataset. Op het 'Dashboard HR-adviseur' willen we een andere set van KPI tegels presenteren: 3 tegels waarvan er 2 al bestaan (Aantal medewerkers en Formatie FTE) en 1 nog gebouwd moet worden. De nog te bouwen KPI is: Gemiddelde contractomvang (FTE per medewerker).

Voor het bouwen van een KPI begin je als het ware met een lege huls (KPI) om vervolgens meetwaardes (uit het model of berekend in InTouch) aan deze KPI te koppelen. Om vervolgens te bepalen hoe de KPI zich moet gedragen als bijvoorbeeld het realisatiecijfer hoger of lager is dan het doel/de begroting.

Om dit voor elkaar te krijgen moeten we een aantal dingen doen:
  1. Bouw de nieuwe meetwaarde
  2. Bouw de nieuwe KPI
  3. Stel een nieuwe Dataset samen
  4. Laat de Pagina verwijzen naar de nieuwe Dataset
  5. Verwerk bovenstaande zodat de aanpassing zichtbaar wordt

Bouw de nieuwe meetwaarde

Navigeer naar Meetwaarde Ontwerp. Klik links onder de Meetwaarde slicer op (Nieuwe meetwaarde) in de PostCubeMeasure groep.

Onze nieuwe KPI heeft een meetwaarde nodig, die niet in het Tabular model zit. Daarom bepalen we die meetwaarde in InTouch zelf. Wat we doen is: FTE Contract delen door Aantal Medewerkers.

Vul de velden als volgt in:
  1. MeetwaardeGroep: PostCubeMeasures - Selecteer de groep waarin de meetwaarde wordt opgeslagen.
  2. Code: .pcGEMCON - Deze code moet uniek zijn. Vaak wordt hiervoor een vaste naamgevingsconventie gebruikt.
  3. Naam: Gemiddelde contractomvang - Beschrijvende naam van de meetwaarde. Deze naam wordt zichtbaar binnen de omgeving.
  4. Omschrijving: Gemiddelde contractomvang: FTE per medewerker - Gebruik dit veld om de werking van de meetwaarde toe te lichten.
  5. DataFormat: 1.000,00 - Bepaalt hoe de uitkomst wordt weergegeven, bijvoorbeeld als getal, percentage of bedrag.
  6. Berekening: [DAX] - definieer de berekening van de meetwaarde. Zou je in het geval van deze casus ook even 1 neer kunnen zetten
  7. Populatie filter toepassen: Uit - Alleen inschakelen wanneer de meetwaarde voor een specifieke populatie berekend moet worden.
  8. Populatie filter: Niet van toepassing - Selecteer hier een populatiefilter indien Populatie filter toepassen is ingeschakeld.
  9. Resultaat als absolute waarde: Uit - Gebruik deze optie wanneer een negatief resultaat altijd als positief getal moet worden weergegeven.
Onderaan deze pagina wordt direct een voorbeeld getoond voor de betreffende meetwaarde per kostenplaats item per periode.

Bouw de nieuwe KPI

Navigeer naar KPI Ontwerp. Klik links onder de KPI slicer op (Nieuwe KPI) in de Personeel groep.

Vul de velden als volgt in:
  1. KPI Groep: Personeel - Selecteer de KPI-groep waarin de KPI wordt opgeslagen.
  2. Code: HRM_GEMCON - Deze code moet uniek zijn. Vaak wordt hiervoor een vaste naamgevingsconventie gebruikt.
  3. Naam: Gemiddelde contractomvang - Beschrijvende naam van de KPI. Is zichtbaar bovenaan de tegel.
  4. Omschrijving: Gemiddelde contractomvang: FTE per medewerker - Gebruik dit veld om de KPI en de achterliggende berekening toe te lichten. Deze naam wordt zichtbaar binnen de omgeving onder de informatie van de KPI tegel.
  5. Sortering: 403 - Bepaalt de volgorde waarin de KPI binnen de KPI-groep wordt weergegeven. Standaard het hoogste nummer in de groep +1.
  6. Kleur: selecteer hier de kleur van de KPI vanuit de color-picker.
  7. Icoon: selecteer hier een icoon vanuit de icon-picker.
  8. Getal opmaak: 1.000,00 - Bepaalt hoe de KPI-waarde wordt weergegeven.
  9. Standaard trendgrafiek type: Staafgrafiek - Bepaalt welk type trendgrafiek standaard wordt gebruikt.
  10. KPI Detail doorklikpagina: Niet van toepassing (*NA) - Selecteer hier een detailpagina indien gebruikers moeten kunnen doorklikken vanuit de KPI. Vullen we later.
  11. Prefix (wordt voor waarde geplaatst): (leeg) - Gebruik bijvoorbeeld €, > of +/- indien gewenst.
  12. Suffix (wordt achter waarde geplaatst): (leeg) - Gebruik bijvoorbeeld %, FTE of uren indien gewenst.
  13. Negatief is positief (waarde * -1): Uit - Gebruik deze optie wanneer negatieve waarden als positief moeten worden geïnterpreteerd.
  14. Gekoppelde Datasets: (leeg) - Selecteer hier één of meerdere datasets waarop de KPI gebaseerd is. Dit doen we later.
Scroll vervolgens iets naar onder om de KPI Mapping te vullen:
  1. Realisatie meetwaarde: PostCubeMeasure\Gemiddeld contractomvang - Selecteer hier de meetwaarde uit het tabular model of uit InTouch die je wil tonen als realisatiewaarde.
In dit voorbeeld is er geen sprake van een doel of YTD waardes, indien dit wel het geval is vul je deze in de andere velden in.

Vul vervolgens de KPI Norm als volgt in:
  1. Geldig vanaf maand: Niet van toepassing *NA - Alleen relevant bij een ingevuld Doel. Bepaalt vanaf welke maand deze norm geldig is.
  2. Geldig t/m maand: Niet van toepassing *NA - Alleen relevant bij een ingevuld Doel. Laat leeg indien de norm tot en met de laatste beschikbare maand geldig blijft.
  3. Standaard norm: 0 - De doelwaarde waarmee de KPI wordt vergeleken.
  4. Bandbreedte ondergrens in %: 0 - Bepaalt vanaf welke afwijking onder de norm een andere score wordt toegekend.
  5. Bandbreedte bovengrens in %: 0 - Bepaalt vanaf welke afwijking boven de norm een andere score wordt toegekend.
  6. Score - Waarde onder doel: Negatief (Rood) - Score die wordt toegekend wanneer de KPI onder de norm uitkomt.
  7. Score - Waarde is doel: Neutraal (Oranje) - Score die wordt toegekend wanneer de KPI exact op de norm uitkomt.
  8. Score - Waarde boven doel: Positief (Groen) - Score die wordt toegekend wanneer de KPI boven de norm uitkomt.
  9. Norm is gelijk aan de afwijking: Uit - Gebruik deze optie wanneer de normwaarde direct als afwijking moet worden geïnterpreteerd.
  10. Bepaal score op basis van absolute waarde afwijking: Uit - Gebruik deze optie wanneer alleen de grootte van de afwijking telt, ongeacht positief of negatief.
  11. Bereken de afwijking op basis van de realisatie: Uit - Berekent de afwijking relatief ten opzichte van de gerealiseerde waarde.
  12. KPI actief: Aan - De KPI-norm is actief en wordt meegenomen in de beoordeling van de KPI.

Stel een nieuwe Dataset samen

Een KPI dataset is een verzameling KPI's die je dus presenteert op een Pagina Indeling. Vaak zie je dat een nieuwe KPI wordt toegevoegd aan een al bestaande Dataset. Bijvoorbeeld aan een KPI-set Personeel. Maar in het kader van deze casus bouwen wij een nieuwe Dataset (KPI-set HR-adviseur) met daarin drie KPI's:
  1. Aantal medewerkers
  2. Formatie FTE
  3. Gemiddelde contractomvang
Navigeer naar Dataset Ontwerp. Klik links onder de Dataset slicer op (Nieuwe Dataset) in de KPI Datasets groep:
Vul de velden als volgt in:

  1. DatasetGroep: KPI Datasets - Selecteer de groep waarin de dataset wordt opgeslagen.
  2. Code: KPIHRA - Deze code moet uniek zijn. Vaak wordt hiervoor een vaste naamgevingsconventie gebruikt.
  3. Naam: KPI-set HR-adviseur - Beschrijvende naam van de dataset. Deze naam wordt zichtbaar binnen de omgeving.
  4. Omschrijving: (leeg) - Optioneel. Gebruik dit veld om het doel van de dataset toe te lichten.
  5. Is virtuele set: Aan - Gebruik deze optie wanneer de dataset bestaat uit een verzameling KPI's en geen fysieke dataset is.
  6. Data laden vanaf: Niet van toepassing *NA - Alleen relevant voor een fysieke dataset. Bepaalt vanaf welke maand gegevens beschikbaar zijn.
  7. Data laden t/m: Niet van toepassing *NA - Alleen relevant voor een fysieke dataset. Bepaalt tot en met welke maand gegevens beschikbaar zijn.
  8. Laad incrementeel: Uit - Alleen gebruiken wanneer incrementeel laden wordt toegepast.
  9. Slicers in de dataset: (leeg) - Selecteer hier de slicers die gekoppeld moeten worden aan deze dataset. Bij leeglaten worden automatisch de slicers uit de KPI-set Totaal gebruikt.
  10. KPI's in dataset:
    1. Personeel.Aantal Medewerkers
    2. Personeel.Formatie FTE
    3. Personeel.Gemiddelde contractomvang
Je kunt onder PaginaDataset zien op welke pagina secties een bepaalde dataset gebruikt wordt. Dat is nu voor deze nieuwe set nog leeg, maar op moment dat je de KPI-set Personeel aanklikt zie je dat deze op meerdere plekken gebruikt wordt:


Verwijder hier Topnavigatie\Dashboard HR-adviseur door op het kruisje te klikken en sla op. Open vervolgens de KPI-set HR adviseur en voeg daar Topnavigatie\Dashboard HR-adviseur toe bij Pagina Sectie 1 en sla op.

Dan is er nog één belangrijke stap om uit te voeren. De DataSet die wij hebben aangemaakt is een zogenaamde virtuele dataset. Een KPI moet altijd in tenminste één fysieke (niet virtuele) KPI-set staan. Dit gebeurt met behulp van de KPI-set Totaal. Open de KPI-set Totaal en voeg onze compleet nieuwe KPI Personeel.Gemiddelde contractomvang toe aan de KPI's in deze dataset. Draai Actie [...]. (dit stuk moet ik nog uitzoeken)

Resultaat KPI tegel op Dashboard HR-adviseur

Open je tabblad waarop je bent ingelogd in de rol van Beheerder. Ververs dit tabblad en navigeer via de Topnavigatie naar Dashboard HR-adviseur. Je ziet een KPI dashboard met de drie KPI's:



Onze volgende stap is het bouwen van een Power detail pagina met daarop een Power BI rapport gepresenteerd. Deze pagina stellen we in als doorklik voor de KPI Gemiddelde contractomvang.

Bouw een Power BI rapport pagina

Bij het bouwen van de KPI Gemiddelde contractomvang hebben we in eerste instantie geen doorklikpagina gedefinieerd. In deze sectie van dit kennisbankartikel zorgen we ervoor dat een klik op het realisatiecijfer van de KPI resulteert in het openen van een Power BI detail rapport over dit onderwerp.

Om dit voor elkaar te krijgen moeten we een aantal dingen doen:
  1. Maak een Power BI rapport via Power Analyse of via Power BI desktop
  2. Bouw een nieuwe detailrapport Pagina
  3. Pas de KPI Detail doorklikpagina bij de KPI Gemiddelde contractomvang aan

Maak een Power BI rapport

In dit artikel gaan we verder niet in op het bouwen van een Power BI detail rapport. Het uitgangspunt voor dit artikel is dat je al een Power BI detail rapport hebt gemaakt en dat deze beschikbaar is in de enterprise workspace.

Bouw een nieuwe detailrapport Pagina

Een Power BI rapport pagina is een Pagina met een specifieke indeling: een Power BI rapport vanuit een werkruimte. Waar je voor een KPI dashboard een set KPI tegels presenteert via de instellingen, presenteer je voor een detail pagina een Power BI rapport via de instellingen van de pagina.

Wat ga je doen?

Bouw een nieuwe Pagina 'Details gemiddelde contractomvang' in de bestaande groep 'Rapportages Personeel'. 
Idea
Het kan zo zijn dat de Power BI rapportages in jouw InTouch omgeving onderverdeeld zijn in andere Pagina Groepen, bijvoorbeeld een groep voor Financiële, Personele, etc. Power BI rapporten

Bouw een nieuwe Pagina

Navigeer naar Pagina Ontwerp. Klik links onder bij de Pagina slicer de Rapportages Personeel groep open. Klik vervolgens op (Nieuwe pagina):


Als je de groep nog niet ziet in de PAGINA slicer, dan kun je ook starten bij (Nieuwe Pagina) in de Topnavigatie groep en vervolgens de PaginaGroep daarna aanpassen.

Vul de velden als volgt in:
  1. PaginaGroep: Rapportages Personeel - Gebeurt automatisch doordat je binnen deze groep op Nieuwe pagina klikt.
  2. Code: PBIGECO - Deze code moet uniek zijn. Vaak wordt voor Power BI rapport pagina's een conventie aangehouden, startend met PBI.
  3. Naam: Details gemiddelde contractomvang - Beschrijvende naam. Deze is zichtbaar in het snelmenu
  4. Omschrijving: (leeg) - Optioneel.
  5. Sortering: 1 - Deze sortering bepaalt de volgorde van de weergave van de pagina's in deze groep in het snelmenu.
  6. Icoon: selecteer hier een icoon vanuit de icon-picker.
  7. Kleur: selecteer hier een kleur vanuit de color-picker.
  8. PaginaIndeling: PowerBI rapport - Selecteer de gewenste indeling voor het detailrapport.
  9. Pagina onderdelen: Slicer - Selecteer welke paginaonderdelen je links en rechts van je rapport wil tonen, meestal alleen de Slicers op lnks.
  10. Plaats op Topnavigatie: Uit
  11. Actief: Aan - Om een pagina te tonen, moet deze aan staan.
  12. Rollen met toegang: (leeg) - Bepaal welke rol toegang krijgt (doen we later).
  13. Pagina Cluster TAG's: (leeg) - Hier vul je bijvoorbeeld de zgn. RAP-tags in (doen we later).
  14. Nieuwe Cluster TAG toevoegen: (leeg)
  15. Toon AI analyzer (BETA): Uit - Uit laten.
  16. DAX Pagina: Aan - Moet altijd aan staan.
En vervolgens na het opslaan van bovenstaande vulling de Power BI instellingen:
  1. Power BI rapport: Jouw rapport - Kies het Power BI rapport dat op de pagina getoond moet worden.
  2. Specifiek tabblad rapport: Niet ingevuld - Optioneel. Geef een rapportpagina op als gebruikers direct op een specifiek tabblad moeten openen.
  3. Slicer dataset: KPI-set Totaal - Selecteer de dataset die de beschikbare slicers voor dit rapport levert. Kan ook een specifieke set zijn
  4. Slicers: Leeg laten
  5. Aanpassen aan hoogte: Ingeschakeld - Zorgt ervoor dat het rapport automatisch wordt geschaald naar de beschikbare hoogte van de pagina.
  6. Titel tonen: Uitgeschakeld - Bepaalt of boven het rapport een titel wordt weergegeven.
  7. Icoon: Niet ingevuld - Voeg optioneel een icoon toe om het rapport visueel herkenbaar te maken.
  8. Titel: Niet ingevuld - Geef een titel op die aan gebruikers wordt getoond wanneer 'Titel tonen' is ingeschakeld.
  9. Rapport tonen: Ingeschakeld - Bepaalt of het rapport zichtbaar is voor gebruikers binnen InTouch.

Pas de KPI Detail doorklikpagina bij de KPI Gemiddelde contractomvang aan

De laatste stap: ervoor zorgen dat een klik op het realisatiecijfer van de KPI Gemiddelde contractomvang resulteert in het openen van het Power BI detail rapport. Navigeer naar KPI Ontwerp. Klik links onder de KPI slicer op de KPI Gemiddelde contractomvang in de Personeel groep. Pas het volgende veld aan:
  1. KPI Detail doorklikpagina: Details gemiddeld contractomvang

Het resultaat

Op moment dat je nu wisselt naar je tabblad in de rol van Beheerder en de pagina ververst, zie je dat nu ook Details gemiddeld contractomvang wordt getoond in het snelmenu aan de rechterkant van ons nieuwe KPI Dashboard:



En dat een klik op het getal 1,27 resulteert in de de Power BI detailrapport pagina:


Geef rol HR-adviseur toegang

In de rol van Beheerder kun je altijd direct het resultaat van je werk zien. Als je op het punt bent gekomen dat je eindgebruikers toegang wil geven tot nieuwe pagina's in InTouch (of al bestaande pagina's) moeten we deze rollen toegang geven. Omdat we zowel een KPI dashboard pagina als een Power BI pagina hebben gebouwd moeten we dit op beide plekken doen. Dit is de huidige situatie voor deze rol:



Ga naar Rol beheer in je topnavigatie en open de rol HR-adviseur links in de slicer. Voeg bij paginatoegang de twee nieuwe pagina's toe:
Het resultaat is daarna een extra knop in de topnavigatie en de mogelijkheid om door te klikken naar het detailrapport:



Vervolgens moeten we de autorisaties van InTouch opnieuw laden zodat alle gebruikers met de rol HR-adviseur toegang krijgen met de juiste autorisaties. Dat doe je door middel van het draaien van een Actie.

Navigeer naar Actie > Actie en klik op het driehoekje voor de LOAD_AUT actie:


Bij Actie > Actie Hist zie je wanneer de actie klaar is.